NATTE VOETEN

 

| 10-01-2018 | 12.30 uur |


 

NATTE VOETEN

 

Vandaag, in het weekeinde en de afgelopen weken nam het hoge water in de media een prominente plaats in. Voor het eerst waren alle stormvloedkeringen gesloten en werden ook de gerealiseerde maatregelen in het kader van het hoogwaterbeschermingsprogramma en het ruimte voor de rivierprogramma  grotendeels benut.

In de Volkskrant van zaterdag 6 januari viel zelfs de kop te lezen “Natte voeten blijft een reële dreiging”. Hoogleraar Bas Jonkman stelde in die krant “2 meter stijging van de zeespiegel kan het systeem niet aan”. Nu zijn weinig mensen bang voor natte voeten. Dat zijn ze onder de douche wel gewend. Maar het is slechts een eufemisme om iets beangstigend als overstroming niet hard op uit te spreken.    

Als waterschapsbestuurder kijk ik altijd uit naar het jaarboek van de dijk. Het projectenboek 2018 leverde voor mij wel een aantal verrassingen op zoals twee impressiekaarten “Nederland Oostwaarts 2100” en “Nederland Omhoog 2100”.

Voor mijn gevoel is er voor het eerst het besef dat scenario’s mogelijk werkelijkheid kunnen worden die nu nog niet als reëel worden aanvaard. Voor het eerst zie ik in een Rijksdocument dit soort kaarten verschijnen. Ik ben er blij mee. Nu nog het besef dat dit bij het denken over de toekomst van Nederland een gevolg zou moeten hebben. Moet er geen verschuiving gaan komen over waar accenten moeten worden gelegd bij publieke investeringen in bijvoorbeeld infrastructuur? En hoe die uitgevoerd moeten worden? 

Voor mij andere opvallen de zaken waren:

  • “We willen niet alleen een veilige dijk, maar ook een duurzame dijk.”
  • Deal GWW versie 2.0 beloven de Dijkwerkers van Rijkswaterstaat en de waterschappen dat “duurzaamheid in 2020 een integraal onderdeel vormt van alle dijkversterkingsprojecten, vanaf de verkenning”.
  • Uit de stellingen uit het dijkwerkerspanel: “In 2050 worden alle dijken door de omgeving ontworpen.” Slechts 14 % onderschreef deze stelling!
  • In de top 40 van de meest gefotografeerde dijken en dijklocaties van Nederland komt West-Brabant niet voor!
  • “In haar rol als assetmanager kijkt ze verder dan het beheer van de huidige dijk, maar naar de gehele levensduur van de kering.”, aldus Claudia van Ackooij van waterschap de Stichtse Rijnlanden.
  • In het werkgebied van Brabantse Delta het Drongelens kanaal: “De planstudie en voorbereiding op de realisatie is voorzien in 2018 en 2019. De realisatie vindt in 2020 plaats.”
  • In het werkgebied van Brabantse Delta Geertruidenberg en Amertak: “In 2018 start de planuitwerkingsfase. Hierbij wordt met name voor de Slikpolder nauw samengewerkt met de gemeente Geertruidenberg. Voor wat betreft de Amertak is de pipingproblematiek overheersend. Hiervoor wordt verbinding gezocht met de projectoverstijgende verkenning Piping (POV-P).”

Dit jaarboek laat zien dat men steeds toekomst gerichter aan de slag gaat. Niet meer alleen het hier en nu, maar ook steeds meer: wat betekent dit voor de toekomst van de dijk en het achterland?

Louis van der Kallen

 


OVER WATER – 123

 

| 23-12-2017 | 10.00 uur |


 

OVER WATER – 123

 

Er is ook goed nieuws te melden. Soms  kom je iets tegen dat hoop geeft voor de wereld. Een wereld die moet vergroenen om te koelen. Goed nieuws, in mijn ogen, is het idee van Land Life Company. Een Nederlandse onderneming die een idee heeft waarmee jonge bomen door hun eerste jaar heen geholpen worden met bescherming en een éénmalige watergift. Nieuwsgierig? Kijk eens op hun website of naar dit Youtube fimpje.

Gelezen
Het Living Planet Report “Zoute en zilte natuur in Nederland” van de WWF. Het eerste wat opvalt? Geen pleidooi om het Volkerak-Zoommeer te verzilten! Wel om de het getij terug te brengen op de Grevelingen en het Haringvliet verder te verzilten. En het besef dat het water een steeds grotere bedreiging vormt, mooi weergegeven door een paar dichtregels van Hendrik Marsman (1936):

en in alle gewesten
wordt de stem van het water
met zijn eeuwige rampen
gevreesd en gehoord.

En verder een goede omschrijving welke mooie en te beschermen zoute en zilte natuur onze delta te bieden heeft.

Goed nieuws
Onder het kopje: “Veel glasaal op Tholen” was deze week in het tijdschrift van het waterschap Scheldestromen te lezen dat bij het gemaal De Noord bij Scherpenisse bij een telling uitzonderlijk veel glasaaltjes werden geteld: 270 stuks! Terwijl 10 gebruikelijk was. Nu maakt één zwaluw nog geen zomer. Maar 27 keer het gebruikelijke aantal geeft deze waterschapper moed en het vertrouwen dat het met de paling in dit kikkerlandje eindelijk weer de goede kant op gaat.    

18 december
In de morgen overleg met wethouder Kevin van Oort van de gemeente Geertruidenberg onder andere over de dijkversterking Geertruidenberg/Amertak en over de positie van de gemeente inzake een mogelijke verandering van een afslag van de A59 en de effecten/mogelijkheden daarvan op de waterkeringen ter plaatse. 

In de middag een bijeenkomst van het bestuurlijk kwartet met het regieteam Hart van Brabant in het raadhuis van de gemeente Oisterwijk met onder andere de agendapunten: de concept evaluatie 2017, de eerste opzet van het jaarplan 2018, de voortgang van het project klimaatadaptatie, het aanhaken van Brabant Water en de afvaardiging van de gemeente in RBOM.

 20 december
Vandaag een bijeenkomst in het waterschapshuis te Amersfoort met de titel “Glastuinbouw: beleid en praktijk”. Ik verving daar collega Kees de Jong. Het was een gecombineerde bijeenkomst van leden van de uniecommissies CWE en CWS. Het viel mij gelijk op dat van de 17 aanwezigen er 7 vrouw waren. Ik heb natuurlijk vooral ervaring met de commissie CWK waarin van de ruim 20 leden er slechts één vrouw is (de voorzitster). Waarom is de commissie waterkeringen zo veel minder aantrekkelijk voor vrouwen dan de commissie emissies of de commissie watersystemen?

Per 1 januari 2018 wordt de zuiveringsplicht voor glastuinbouwbedrijven ingevoerd met de taak tenminste 95 % van de gewasbeschermingsmiddelen uit het te lozen afvalwater te halen. Het  ultieme doel is om in 2027 de emissies naar het oppervlakte water tot ‘nagenoeg nul’ te hebben gereduceerd.  In de discussie werd helder dat er voor de groente- en fruittelers een markt motivatie is om geen tot bijna geen gewasbeschermingsmiddelen te gebruiken de AH’s, de Jumbo’s  en de Lidl’s van deze wereld stellen immers steeds meer eisen ten aanzien van de voedselveiligheid. Tot op heden is dat niet het geval bij de afnemers van bloemen en planten. Bij de handhaving en stimulering van beperking van het middelengebruik ligt er een taak voor de waterschappen en de gemeenten. Er werd ook stilgestaan bij de teruggang van het insectenbestand en welke rol, in de huidige discussie, hieromtrent de waterschappen zou kunnen passen. Voorbij kwamen natuurlijk de bijen, maar ook typische waterinsecten als libellen zoals de waterjuffer. Voor mij huiswerk om eens te kijken wat ons waterschap hier bij kan of zou moeten. 

21 december
De kortste dag van het jaar was mijn laatste als lid van het dagelijks bestuur van het waterschap Brabantse Delta. Ik blijf wel lid van het algemeen bestuur dus echt afscheid nemen doe ik niet.

In de ochtend de 2ontwikkeldag van de RRO Hart van Brabant in de Villa De 4 jaargetijden in Tilburg. In een mooie stadsvilla in hartje Tilburg de laatste vergadering hebben als DB lid met veel van de wethouders en twee gedeputeerden waarmee ik in deze bestuursperiode te maken heb gehad, is een mooie afsluiting van een boeiende periode in mijn bestuurlijk leven. Prominent op de agenda stonden: de ontwikkelingen in het Hart van Brabantgebied op het vlak van mobiliteit en ruimtegebruik en de gebiedsopgaves A58 en N261/N269 waarbij ik de waterbelangen onder de aandacht mocht brengen.

In de middag bezocht ik voor de laatste maal het eindejaarsfeest van het waterschap. 

Louis van der Kallen

 


OVER WATER – 113: DE MERWEDEBRUG/ WATERMANAGEMENT CENTRUM

 

| 14-10-2017 | 09.00 uur |


 

OVER WATER – 113

 

9 oktober
Bestuurlijk overleg evaluatie Merwedebrug A27 in het gemeentehuis van Gorinchem. Hier stond de eindrapportage evaluatie crisisbeheersing Merwedebrug op de agenda. In mijn ogen een gedegen rapport wat in haar conclusies behoorlijk kritisch is. In het rapport viel mij op dat er met veel belanghebbenden is gesproken, maar dat zich onder hen geen enkele bestuurder bevond. Heel veel mensen van RWS en ambtenaren van diverse overheden en ministeries en vertegenwoordigers van belangenorganisaties maar geen enkele bestuurder. In de mooie ronde raadszaal van Gorinchem onder een groot gemeentewapen met de inspirerende spreuk “fortis creantur fortibus” (dapperen brengen dapperen voort) bespraken vooral bestuurders met de leidinggevenden van RWS de rapportage.  Ik vond het best dapper dat de vertegenwoordigers van RWS open en voor mijn gevoel eerlijk de discussie met de bestuurders aangingen. Het verbaast mij dan wel is dat de voor de hand liggende conclusies niet getrokken worden. Uit de discussie bleek dat van de 70 cruciale bruggen in het rijkswegennet er nu ruim 20 nader bekeken/doorgerekend worden.

De waterschappen proberen bij dijkversterkingen in toenemende mate rekening te houden met toekomstige klimaatontwikkelingen/scenario’s en kijken daarbij soms 100 jaar vooruit. Ik constateer dat de afgelopen tientallen jaren RWS juist geen rekening heeft gehouden met te verwachten ontwikkelingen in het verkeer. De afgelopen 50 jaar zijn vrachtwagens steeds zwaarder geworden en is er steeds vaker sprake van ‘exceptioneel’ transport over rijkswegen. Ook het scheepvaartverkeer is de afgelopen 50 jaar enorm veranderd. Grotere/bredere schepen en een toenemend motorvermogen. Het valt mij dan op dat relatief nieuwe bruggen eerder niet meer voldoen dan oude. De eerste Moerdijkbrug, gebouwd in de jaren dertig van de vorige eeuw voldoet op zijn huidige locaties (Spijkernissebrug en de Keizersveerbrug) nog steeds aan de eisen gesteld voor het huidige wegtransport. Maar die stamt dan ook uit een tijd dat ingenieurs bepalend waren en niet zuinige politici, terwijl nieuwe bruggen steeds vaker risico’s blijken op te leveren. En ook de risico’s van het scheepvaartverkeer zijn door de grotere motorvermogens lengte- en breedtegroei toegenomen. Met die ervaringen zou je verwachten dat met de bouw van nieuwe bruggen of dijkverbeteringen rekening gehouden zou worden met mogelijke toekomstscenario’s van het weg- en watertransport. Niets van dat al, men rekent en blijft vooralsnog rekenen met de huidige normen die afgestemd zijn op de huidige situatie.

Ook bij de huidige discussie over de dijkverbeteringen langs de Amertak loop ik als waterschapbestuurder hier tegen aan. De steenbestortingen zijn hier en daar beschadigd door de toename van met name het motorvermogen van de vrachtschepen. Te verwachten is dat zowel het motorvermogen als de gewenste scheepvaartklasse (door mogelijke havenontwikkelingen in Oosterhout) verder zal toenemen. Toch is een aanpassing op die mogelijke ontwikkelingen nu niet bespreekbaar. Plannen tot verbetering gaan uit van het huidige gebruik van de Amertak. Voor mij een gemiste kans.   

Tijdens de discussie kwam bij mij ook de vraag op of provinciale en gemeentelijk bruggen wel allemaal voldoen aan de eisen die het huidige verkeer stelt en wie dit controleert.

10 oktober
Bestuurlijk overleg met de gemeente Gilze en Rijen met wethouders Willem Starreveld en Aletta van der Veen. Agendapunten waren onder andere: de EVZ Boomkikker, de inrichting Lange Rekken, het programma versnelling EVZ landstad de Baronie, de wateroverlast Broekakkers, de visie klimaatadaptatie Gilze en Rijen en in de rondvraag de mogelijkheden van een fietspad langs de Gilzer/Rielsebaan.

In de avond heb ik een presentatie over het waterschap gehouden voor Sociëteit De Phoenix te Zevenbergen.

11 oktober
In de middag Bestuurscommissie Weerijs-Zuid en in de avond een thema AB over participatie à la Brabantse Delta “kansen en uitdagingen van de netwerksamenleving”.

12 oktober
Ik ben naar het symposium NEN  ‘klimaatadaptatie van praktijk tot standaard’ geweest in een gebouw van RWS in Lelystad. Voor mij WAS dat tot 12 oktober ‘heilige grond’. In dit RWS gebouw is het Watermanagementcentrum Nederland gevestigd dat het watersysteem van onze grote rivieren in de gaten houdt. In dat centrum is ook gevestigd een mooie expositie van hoe dit gebeurt. Waarom WAS? Ik had het gebouw nog geen 5 minuten betreden of ik werd door een medewerker van de beveiliging tot de ‘orde’ geroepen. Ik bleek een zondaar. Ik had zomaar de twee onderstaande foto’s genomen en dat was tot mijn verbijstering VERBODEN! Verboden te fotograferen in een gebouw betaald van mijn belastingcenten. Zonder dat iemand in staat bleek uit te leggen dat het fotograferen van de architectuur van een gebouw of een expositie (waterstaats) gevaarlijk zou zijn. Of de privacy van wie dan ook zou aantasten. Ik zou toestemming moeten vragen, maar de beveiliger bleek niet te weten bij wie? Ik heb als gezagsgetrouw persoon binnen maar geen foto’s meer gemaakt.

Of ik bij het weggaan met het buiten fotograferen van onderstaand verbodsbordje alsnog in overtreding ben weet ik niet.  Raar vind ik het wel. Een pracht van een expositie en je mag dat met foto’s niet laten zien. Noch mag je als geheugensteuntje van een tekst een foto maken. Noch staat ergens (althans ik heb het, bij mijn bezoek, niet gevonden) wie bevoegd is toestemming te geven. Voor mij is het Watermanagementcentrum Nederland geen ‘heilige grond’ meer. ‘Heilige grond’ moet in mijn visie openbaar zijn en trots uit stralen met wat er te zien en te leren is en de wijsheid die te zien is willen verspreiden en ten dienste laten zijn van een ieder die zich voor die wijsheid wil openen.    

Het symposium was ondanks de voorgaand beschreven ‘valse start’ voor mij informatief en leerzaam.  De bijdrage van een spreker namens het CROW kennisplatform liet zien dat veel van de huidige normen voor de aanleg en ouderhoud van wegen en verhardingen in het licht van de gewenste klimaatadaptatie niet meer actueel zijn, maar nog wel de maat zijn waar ontwerpers mee werken! In de discussie verzuchtte een medewerker van het ingenieursbureau Witteveen + Bos dat het tijd werd de ‘ontwerplat’ bij dijken en wegen, in het licht van de gewenste en noodzakelijke klimaatadaptatie, hoger te leggen. Een kreet naar mijn hart! In de lezingen/discussies kwamen o.a. voorbij de city deal klimaatadaptatie en het KANS Netwerk waar Breda deel vanuit maakt.  Stuk voor stuk mooie projecten die bol staan van de goede ideeën.

13 oktober
In de morgen bestuurlijk overleg Bedijkte Maas in Ravenstein. Ik verving daar de dijkgraaf. Agendapunten waren onder andere: de actualisering van de gebiedsvisie Bedijkte Maas en de lange termijn ambitie Bedijkte Maas.

In de middag een overleg met vertegenwoordigers van de Stichting Beleef de Keenesluis.

Louis van der Kallen



OVER WATER – 76: DE LANDBOUW EN DE KRW OPGAVE

 

| 28-01-2017 | 12.30 uur |


 

OVER WATER – 76

 

fontein-bouvigneRecent is uitgekomen “Landbouw en de KRW-opgave nutriënten in regionale wateren”. Een lijvig rapport dat je als waterschapsbestuurder gelezen moet hebben. Het geeft de lezer meer inzicht in de enorme opgave waarvoor we ten aanzien van de stikstof en fosfaatnormen gesteld staan. Deze lijken schier onhaalbaar. Als ingezoomd wordt op mijn eigen waterschap Brabantse Delta, dan laten de cijfers zien wat de opgave is maar ook wat de oorzaken zijn van de huidige stikstof en fosfaat concentraties. Voor fosfaat is slechts 5 tot 10 procent afkomstig van de actuele bemesting. De nalevering vanuit de bodem is 25 tot 50 % (afkomstig van wat de zee ooit op deze gronden heeft afgezet) en de aanvoer uit het buitenland en/of inlaat uit Rijkswateren is 25 tot 50 %. Historische bemesting is 5 tot 10 %. Fosfaat lozingen via de industrie, RWZi’s, kwel, natuurgronden en overige agrarische bronnen zijn allen beperkt van omvang. Bij stikstof is de actuele bemesting 25 tot 50 %, de aanvoer uit het buitenland en/of inlaat uit rijkswateren is ook 25 tot 50 %. Van de overige bronnen is alleen de atmosferische depositie nog relevant. De andere bronnen zijn allen beperkt van omvang. De benodigde reductie (in %) van af- en uitspoeling van stikstof uit landbouwpercelen om de opgave te realiseren bedraagt, afhankelijk van de gekozen variant, tussen de 30 en 43 procent. De benodigde reductie (in %) van af- en uitspoeling van fosfor uit landbouwpercelen om de opgave te realiseren bedraagt, afhankelijk van de gekozen variant, tussen de 8 en 33 procent. Als de niet aan bemesting gerelateerde levering aan de bodem niet aan de landbouwreductie wordt toegerekend bedraagt de landbouwopgave voor fosfor in het werkgebied van de Brabantse Delta minder dan 10 %. Als deze wel aan de landbouw wordt toegerekend is deze tussen de 20 en 40 %. Ook waterschappen (RWZI’s) zijn, gekeken naar het landelijk gemiddelde verantwoordelijk voor 9 % van de stikstoflozingen en 15 % voor de fosforlozingen. Een uitschieter is hierbij waterschap de Dommel, zowel voor stikstof als voor fosfor zijn de RWZI’s daar voor 25 à 50 % verantwoordelijk voor de lozingen. In het waterschap Brabantse Delta zijn de RWZI’s voor stikstof minder dan 5 % de veroorzaker en bij fosfor voor 5 à 10 %.

Mijn conclusie voor mijn eigen waterschap: de KRW normen zijn niet haalbaar voor 2027 en misschien wel, omdat de bronnen vaak buiten onze mogelijkheden liggen (nalevering bodem en buitenland en/of inlaat uit rijkswateren), nooit! Ook landelijk zou de vraag van haalbaarheid, naar mijn mening, op de politieke agenda moeten komen!

Recent is uitgekomen het “waterschapspeil 2016”. Het boekje geeft de trends en ontwikkelingen in het regionale waterbeheer. Voor een ieder die geïnteresseerd is in de waterschapswereld of als raadslid hier meer over wilt weten, het lezen zeker waard.

Op de nieuwjaarsreceptie van de provincie Noord-Brabant kreeg ik bij vertrek de brochure “Over ranke torenspitsen” uitgereikt. Een uitgave van de stichting de Brabantse Hoeders. De brochure is bedoeld als handreiking tot het redden van in onbruik geraakte kerken. Maar deze handreiking is ook bruikbaar voor andere monumentale bouwwerken in ons mooie Brabantse landschap. De brochure kan volgens de website van de Brabantse Hoeders gratis worden besteld door een mailtje te sturen aan [email protected]. In de brochure worden alle kerken in Noord-Brabant uitgenodigd mee te doen aan de Brabantse Open Kerkendag, zodat een ieder ervaart welk een prachtige monumenten dit vaak zijn.

24 januari
In de morgen de vergadering van het Dagelijks Bestuur met als agendapunten onder andere: de beslissing op een bezwaarschrift, de beleidsregel schadevergoeding kabels en leidingen, de heroverweging status kantoor Heerle, de partiële herziening van de algemene regels grondwater onttrekkingsdiepten en de beleidsregel agrarische beregening uit grondwater bij schaarste, de dijkversterking Geertruidenberg en Amertak (de nota kansrijke alternatieven), instemming bos- en waterplan Ulvenhoutse Voorbos en de portefeuilleverdeling en tijdsbesteding tijdens waarneming dijkgraaf. Het vertrek van de dijkgraaf per 1 maart betekent voor alle DB leden een verzwaring van hun taak. We zullen elkaar vaker moeten vervangen. Om de taak van de waarnemend dijkgraaf (Huub Hieltjes) te verlichten heb ik een deel van zijn DB portefeuille overgenomen. Ik krijg er, gedurende zijn waarneming van de dijkgraaf, het project zoetwatervoorziening Roode Vaart, de gemeente Moerdijk en het uitvoeringsproject nieuwbouw, verbetering en inrichting regionale waterkeringen (voor zover gelegen in de tien gemeenten die ik in portefeuille heb) erbij. Voor mij een stevige toename van taken. Ze passen goed bij mijn huidige taken pakket. Vooral op de verbetering van de regionale waterkeringen verheug ik mij. Met de primaire dijkverbeteringsprojecten, zoals de Overdiepse Polder en het dijkverbeteringsproject Geertruidenberg/Amertak, heb ik de nodige ervaringen opgedaan die ik graag gebruik voor de aanpak van de regionale keringen.     

25 januari
De waterkring in Raamsdonksveer. Ik heb de algemene presentatie gegeven en collega Kees de Jong die over het watersysteembeheer. Daarna hebben we gezamenlijk de vragen van de aanwezige overwegend agrarische ondernemers beantwoord.

26 januari
ulvenhoutse-bosIn de morgen het bestuurlijk overleg Ulvenhoutse Voorbos waarin de stand van zaken werd besproken van het bos- en waterplan en de voortgang van de PAS. Ook een wandeling met toelichting van twee deskundigen van Staatsbosbeheer door het bos gemaakt. 

In de middag het Avans symposium “Futurefields”. Met onder andere Itzik Amiel, een inspirerend spreker over het (sociale) netwerken met als titel “Power of connection”.

27 januari
Vandaag een klankbordgroep Tweede Kamer verkiezingen van de Unie met de punten die de Unie wil inbrengen bij de Kabinetsformatie en de punten die de Unie gezamenlijk met de VNG en het IPO wil inbrengen.

Louis van der Kallen



OVER WATER – 47

 

| 02-07-2016 | 10.30 uur |


 


OVER WATER – 47

 

28 juni
In de morgen een heisessie met onder andere individueel en groepsonderzoek (kleurentest) door My Motivation Insights naar onze drijfveren. Mooi om te ontdekken wat je eigen drijfveren zijn en hoe die passen in het team waarin je functioneert.

gea 04

kwalitatieve nieuwbouw aan het water gemeente Geertruidenberg

In de avond een informatieavond over het dijkverbeteringproject Geertruidenberg/ Amertak waar ik de opening verrichtte en voorkwam in een vertoond filmpje over het project. Er was een mooie opkomst en goede indringende discussies over het project, het water en dijkbeheer in de directe omgeving. Als waterschap proberen we nadrukkelijk de burgers en bedrijven te betrekken bij het project en hun ideeën voor het project en mogelijke meekoppelkansen (werk met werk maken) te inventariseren en in het project proberen te passen. Hierbij moet niet uit het oog verloren worden dat het waterschap in de eerste plaats verantwoordelijk is voor de waterveiligheid en voor andere zaken mogelijk andere overheden of bedrijven betrokken moeten worden. Voor meer informatie kijk eens op de waterschapspagina over dit project.

29 juni
In de morgen een werksessie in het kader van het project “water in de tuin” waar centraal stond een voorbeeld project uit te voeren in drie her in te richten straten in Bergen op Zoom.

In de middag de laatste bestuursvergadering van het Regionaal Archief West-Brabant. Per 1 juli treden er een aantal nieuwe gemeenten toe tot deze organisatie en is het waterschap uitgetreden. Ons waterschap heeft nu al haar archieven en dat van al haar rechtsvoorgangers ondergebracht in haar eigen archiefruimte in Bouvigne. Als trotse vader van de co-auteur Alexander van der Kallen van het boek “Opgravingen in Bergen op Zoom” heb ik bij die gelegenheid de collega bestuursleden en de directeur en de notulist een exemplaar uitgereikt van het boek.

30 juni

In de middag het bestuurlijk overleg inzake het dijkverbeteringproject Geertruidenberg/Amertak met de wethouders van de betrokken gemeenten en een vertegenwoordiger van Rijkswaterstaat over de voortgang en planning van het project.

Louis van der Kallen 

 


OVER WATER – 39: AKKERRANDSUBSIDIES

 

| 29-04-2016 | 21.15 uur |


 


OVER WATER – 39

 

Akkervegetatie op begraafplaatsen
Als pklaprozenublicaties gaan over akkerrandvegetaties, hebben deze gelijk mijn belangstelling. Veel waterschappen kennen immers subsidies voor de instandhouding van akkerranden om de kenmerkende akkervegetaties in stand te houden.

Wanneer de flora op begraafplaatsen vergeleken wordt met de flora van akkerranden, is er een opvallend grote gelijkenis te zien. De vegetaties op akkerranden en op begraafplaatsen blijken gedomineerd te worden door klaprozen, ereprijzen, kamilles en wikkes. Dit komt vermoedelijk omdat beide biotopen deels, door menselijk handelen, op elkaar lijken. Akkers worden enkele malen per jaar geploegd en bewerkt, terwijl begraafplaatsen een aantal keren per jaar geschoffeld worden. Eénjarige akkerplanten kunnen goed tegen deze constante verstoring en bloeien vaak meerdere keren per jaar en komen derhalve toch toe aan zaad/ vruchtvorming. Zo zorgen zij dat, wanneer zij ‘het onderspit delven’, volgende generaties toch een kans krijgen.

Begraafplaatsen kennen net als akkers een grote diversiteit. Er zijn begraafplaatsen met een gesloten grasvegetatie, een type waarbij alleen korstmossen en mossen goed gedijen, maar de akkerflora vaak weinig kans krijgt. De akkerflora gedijt voornamelijk op open grind- en zandbodems. Het type grond is hierbij het meest bepalend voor de soorten die er te vinden zijn. Ook de leeftijd van de begraafplaatsen lijkt een rol te spelen. Veel akkerplanten hebben de jongere begraafplaatsen nog niet bereikt. De kans daarop is kleiner dan vroeger, omdat sommige soorten misschien al te zeldzaam zijn geworden. Het is prachtig dat de zeldzaam wordende akkerflora een toevluchtsoord heeft gevonden op begraafplaatsen.

Op begraafplaatsen wordt aanzienlijk minder gespoten, waardoor veel éénjarige planten hun cyclus toch op tijd weten te voltooien. Meerjarige soorten kunnen dit enkel op begraafplaatsen waar niet gespoten wordt. Het is nog steeds goed zoeken, want ook op begraafplaatsen zijn ze absoluut niet algemeen. Soorten die met enige regelmaat te vinden zijn op begraafplaatsen zijn onder andere: akkerleeuwenbek, akkerereprijs, ruige klaproos en de akkergeelster.

poppy canadaDe vraag is nu wat betekent deze kennis nu voor de alsmaar oplaaiende discussie over de instandhouding van akkerrand subsidies? Het meest verbaast mij bij dit soort onderzoeken dat de uitkomst al lang verbonden is in onze taal. Zo wordt een begraafplaats soms dodenakker genoemd en ook de slagvelden, waar klaprozen goed bleken te gedijen op de met bloed doortrokken bodem. Een waarneming die zelfs heeft geleid tot het symbool waarmee de Engelsen en Canadezen hun gevallenen herdenken.

25 april
In de avond een coalitieoverleg over de invulling van de vacature in het Dagelijks Bestuur (DB). Er bleek geen draagvlak voor onze inbreng om het aantal DB leden terug te brengen tot vier plus de dijkgraaf. Uiteindelijk kan de voorgedragen kandidaat van ongebouwd rekenen op een brede ondersteuning van de coalitiefracties.

26 april
De dag begon met een DB vergadering met onder andere de agendapunten: de samenwerkingsovereenkomst tot uitvoering waterdoelen, de begroting 2017 belastingsamenwerking West-Brabant, de bestuurlijke vernieuwing, uitwisseling inspectiegegevens, de restauratie Keenesluis en een actualisatie van de algemene regels en beleidsregels keur.

Aan het begin van de middag een portefeuillehouderoverleg (PHO) over een business case oppervlaktewatersysteem in de gemeente Oosterhout.

Daarna een PHO over het dijkverbeteringproject Geertruidenberg/Amertak over de strategie bij de afweging meekoppelkansen. Daarna over de aanpassingen aan de waterhuishouding en de regionale kering bij Waalwijk als gevolg van de gemeentelijk plannen om een nieuwe haven aan te leggen.

Daarna een bijeenkomst in het kader van het project expertsessie ‘water in de tuin’ van de gemeente Bergen op Zoom in het Natuurpodium Brabantse Wal als vervolg op de bijeenkomst op 20 januari waar ik eerder over schreef . Er werd gewerkt aan een actieplan om de aanpak van de klimaatadaptatie en de hittestress samen met de aanwezigen vorm te geven.

Louis van der Kallen