OVER WATER – 145: “DRAWDOWN” EN DROOGTE

 

| 14-07-2018 | 11.00 uur |


 

OVER WATER – 145: “DRAWDOWN” EN DROOGTE

 

Het is weer zomer. Voor mij betekent dat afkicken van Buitenhof en weer even wennen aan “het filosofisch kwintet”.  Dat ging een paar weken terug over ‘overbevolking’ en allerlei daaraan verbonden aspecten zoals: solidariteit, voedsel en welvaartverdeling, ecologische voetafdruk enz.

In het gesprek kwam ook het boek Drawdown voorbij. Een boek dat mij na lezing zeer aanspreekt. Ik schreef daar eerder een stukje over in het kader van vroegere waarschuwingen voor door de mens veroorzaakte klimaatveranderingen. Het boek geeft circa 100 oplossingsrichtingen over hoe de opwarming van de aarde te vertragen en zelfs terug te dringen. Van energie-alternatieven: wind-, zon-, geo-, hydro-, golf-, getijde-, bio- en nucleaire energie.  Ze worden stuk voor stuk (en allerlei varianten inclusief opslagsystemen) uitgewerkt.

Ook de hoofdstukken over voedsel (teelt en bereiding) zijn uitgebreid. Hoe te komen tot een plantrijk dieet? Hoe te komen tot een permacultuur? Onder andere gericht op bodemherstel zodat de bodem duurzaam in staat is voedsel te produceren en de bodembiotoop hersteld wordt. Hoe de voedselafvalberg te verminderen? Hoe de voedselbereiding te verbeteren en de CO2 uitstoot daarvan te verminderen? Hoe de ideeën van Ernst Gotsch inzake de combinatie van landbouw en bosbouw vorm gegeven kan worden en hoe door de vermenging van bomen en gewassen het koolstofgehalte van de bodem en de productiviteit van het land verbeterd kan worden. Hoe de rijstbouw geïntensiveerd en verbeterd kan worden. Hoe bosbouw en begrazing (silvopasture) gecombineerd kan worden met een bijzondere kwaliteit vlees als gevolg. Hoe met een beter nutriëntenbeheer de C02 uitstoot beperkt kan worden en de kwaliteit van de bodem verbeterd.    

Voor de leden van het algemeen bestuur van het waterschap Brabantse Delta was er een bijeenkomst over de droogte. In al die jaren van mijn bestuurlijke betrokkenheid bij waterschappen was dit de eerste keer dat het nodig was om er bestuurlijk op deze wijze over te praten. De droogte van nu is uitzonderlijk en ondanks dat we boffen dat de winter nat is geweest en de Maasafvoer door nalevering van water vanuit de bodem in het bovenstroomse gebied van de Maas nog redelijk op peil is gebleven, nemen de zorgen voor de landbouw toe. Deze zomer gaat steeds meer lijken op “De hondsdagen van 1976”. Tevens wordt duidelijk dat het verzilten van het Volkerak-Zoommeer systeem het domste is wat denkbaar is. Nu kan dit zoete water nog gebruikt worden door de landbouw in grote delen van West-Brabant, Zeeland en Zuid-Holland. Wel dient dan de sluipende verzilting snel gestopt te worden door doorspoelen en door het reeds decennia uitgestelde onderhoud aan de sluizen omgaand ter hand te nemen, zodat deze rijke bron van zoete welvaart behouden blijft. De droogte laat ook zien dat het gat, dat Nieuwe Waterweg heet en circa 800 kubieke meter zoet water per seconde verspilt, gedicht moet worden. De honger naar zoet water moet gestild worden door nu eindelijk te gaan werken aan sluizen in de Nieuwe Waterweg die bij een oplopend tekort aan zoet water gedicht kunnen worden.  

Louis van der Kallen

 


OVER WATER – 142: DE NIEUWE BELASTINGVOORSTELLEN

 

| 23-06-2018 | 13.15 uur |


 

OVER WATER – 142: DE NIEUWE BELASTINGVOORSTELLEN

 

In het uit 2014 stammende OESO-rapport “Water Governance in the Netherlands: Fit for the Future?” werd geconcludeerd dat de organisatie van het Nederlandse waterbeheer goed is geregeld, maar dat het schort aan waterbewustzijn bij de bevolking. De OESO deed de suggestie om economische prikkels in te voeren door vervuilers/gebruikers meer te laten betalen.

Ik stelde over dat rapport in 2014 uitgebreid vragen aan het dagelijks bestuur van het waterschap Brabantse Delta.

Recent is verschenen een advies van de Commissie Aanpassing Belastingstelsel (CAB) met veel voorstellen tot aanpassingen van de waterheffingen. Vervuilers zullen in de toekomst meer verontreinigingsheffing moeten gaan betalen. Ook groepen die direct profijt trekken van het werk van een waterschap kunnen een hogere rekening verwachten. De CAB voorstellen zijn forse veranderingen. Eén van de veranderingen is de introductie van het gebiedsmodel als basis voor kostentoedeling. Besturen krijgen meer mogelijkheden te bepalen wie hoeveel procent van de heffingen betaald. Dat zal in de besturen stevige discussies opleveren en de besluitvorming politieker maken. Want dat gaat echt over wie betaalt wat. Hierbij gaat inkomenspolitiek steeds meer een rol spelen. Iets wat waterschappen, buiten de kwijtscheldingsregelingen, grotendeels buiten de deur hebben weten te houden.

Een andere opvallende consequentie is dat eigenaren van wegen (gemeenten, provincies, rijk en waterschappen) minder watersysteemheffing zullen gaan betalen en eigenaren van natuurterreinen juist meer. De zuiveringsheffing wordt fors veranderend. De hoeveelheid vuil en het aantal kubieke meters aangeleverd water  wordt daarin meer bepalend. Bij gezinnen zal het tarief meer naar het aantal leden van het huishouden worden gedifferentieerd. Voor tweepersoonshuishoudens betekent dat een forse daling van de heffing, voor huishoudens met vier en meer dan vier personen gaat dat een forse stijging van de zuiveringsheffing betekenen. In het huidige voorstel worden diffuse verontreinigingsbronnen, zoals die vanuit het verkeer of de landbouw, niet belast met een heffing.

Volgens de Unie van Waterschappen zal de totale lastendruk/belastingopbrengst in het toekomstige stelsel niet veranderen, wel zullen er verschuivingen van lasten optreden tussen de verschillende betalende groepen. Als de huidige voorstellen ongewijzigd worden ingevoerd, kan ieder waterschap zelf bepalen hoe hoog de uiteindelijke heffingen gaan worden. Daarbij kunnen waterschappen maximaal 15% afwijken van de richtlijnen van de Unie van Waterschappen. Het nieuwe stelsel kan naar verwachting op 1 januari 2022 in werking treden.

Ik vind de voorgestelde veranderingen van de heffingen fors. Een tweepersoonshuishouding gaat bijvoorbeeld in mijn eigen waterschap Brabantse Delta 26 % minder zuiveringsheffing betalen. Een vierpersoonshuishouding 46 % meer. Wat er voor natuurgronden meer betaald gaat worden is in de voorstellen niet per waterschap uitgewerkt, maar kan oplopen tot 1500 % meer. Dat is wel heel fors. De vraag is kunnen natuurbeheerders dit soort stijgingen wel aan. Ook voor mijn eigen gemeente Bergen op Zoom, met heel veel bossen in bezit, kan het een dure aangelegenheid worden.

Enige tijd geleden schreef ik over de waterschapslasten voor grondbezitters in het jaar 1844. Toen was de kwaliteit van de grond en daarmee het opbrengend vermogen maatgevend. Mijn eindconclusie toen was: “170 jaar geleden was de heffingsverhouding tussen landbouwgronden en natuurgronden bijna dezelfde als nu. Kijkend naar de CAB voorstellen nu, stel ik mij de vraag: hebben we het al die tijd fout gedaan of is het aanhangen van het kostenveroorzakingsprincipe een rimpeling in de tijd, een modeverschijnsel? Ik voel meer voor het profijtbeginsel in combinatie met het draagkrachtbeginsel. Ik wens de wetgever veel wijsheid toe bij de te maken afwegingen. Zelf leer ik graag van de geschiedenis, omdat ik heb geleerd dat daar veel wijsheid in te vinden is.”        

Louis van der Kallen

 


OVER WATER – 141

 

| 16-06-2018 | 11.15 uur |


 

OVER WATER – 141

 

11 juni Bestuurdersdag UvW 2018

De bestuurdersdag van de Unie van Waterschappen is altijd een mooie gelegenheid om collega’s te ontmoeten en iets te leren van wat er elders op het gebied van water speelt. Dit keer was de gastheer  het Wetterskip Fryslân en werden we ontvangen in de Grote of Jacobijnerkerk te Leeuwarden. Deze kerk bevat de grafkelder van de Friesche Nassau’s, de in Leeuwarden en Groningen residerende Stadhouders van Friesland en Groningen. De kerk is, net als Leeuwarden, een bezoek waard. Het ochtendprogramma startte met het Friese volkslied. Mocht de bestuurdersdag van de Unie ooit nog door Brabantse Delta georganiseerd worden dan wil ik graag dat de ontvangst in Bergen op Zoom is, zodat ik de geachte collega’s kennis kan laten maken met het “Merck toch hoe sterck”.

Er waren lezingen van onder andere Hans Achterhuis, milieufilosoof en van de bioloog Theunis Piersma. Het verhaal van Piersma ging over het verloren gaan van het geluid, de geuren en de kleuren in en van het landschap door de teruggang van insecten en vogels, die dat landschap kleuren. Wat mij ook trof waren de effecten van de huidige techniek van het injecteren van mest (insnijden van de grond) op de bodemkwaliteit en het bodemleven. Ook de effecten van de diepe ontwatering op de Friese laagveengronden maakte op mij indruk. Boer Brunia vertelde over hoe het anders kan met buitenpotstal en beweidingstechniek.  Het verhaal van Peter de Ruyter over het Friese Laagveen was indrukwekkend, waarbij de “Places of Hope” projecten lieten zien dat er mogelijkheden zijn om het tij te keren. Iris Kroes sloot het ochtendprogramma af met een (water)lied waarbij ze het gezelschap zich wederom tot koor liet omvormen.

Het middagprogramma bestond voor mij uit een bezoek aan het Natuurmuseum Fryslân, waarbij de nog in aanbouw zijnde onderwaterbeleving werd bezocht. Hierin worden bezoekers straks rondgereden in een Friese onderwaterwereld. De bezoeker wordt daarbij een beleving geboden als ware hij of zij een vis. Ik kom zeker een keer terug als dit geopend is. Het Wetterskip is nauw betrokken bij dit project. Daarna volgde een boottocht door de grachten van Leeuwarden die eindigde in de voormalige gevangenis van Leeuwarden.   

Het eerste deel van de rit naar huis was een beetje een pelgrimstocht. Een rit over de Afsluitdijk is voor mij iets bijzonders. De Afsluitdijk vind ik een uiting van Hollands glorie en voor mij een zichtbaar en bijna levend eerbetoon aan wat waterbeheer en dijkenbouw aan Nederland heeft toegevoegd. Staand voor het standbeeld van Cornelis Lely ben ook ik een beetje trots op wat wij ‘waterschappers’ toevoegen aan Neerlands trots.

12 juni praktijkseminar

Op 12 juni ben ik naar het praktijkseminar “de implementatie van klimaatadaptatie in steden en regio’s” op de WUR campus te Wageningen geweest, georganiseerd door het PPS netwerk. Vaak ben ik op dit soort seminars de enige waterschapbestuurder. Dit keer telde ik er vijf, waarvan drie uit Noord-Brabant. Alle drie de Brabantse waterschappen waren vertegenwoordigd. Dit laat zien dat klimaatadaptatie nu echt ook bij bestuurders tussen de oren begint te komen en men er tijd voor begint vrij te maken. Ook waren er een aantal ambtenaren van waterschappen en gemeenten aanwezig.

Het viel op dat nu ook ‘sterfte’ als één van de gevolgen van bijvoorbeeld hittestress genoemd werd. Ik ben duidelijk niet meer een roepende in de woestijn. In het verhaal van Gilbert Maas van de WUR werden, buiten de standaard gevolgen van de klimaatverandering (overstromingen, wateroverlast, hittestress en droogte), ook natuurbranden en bodemerosie genoemd als gevolgen.  Door twee medewerkers van de gemeente Ede (Koen Classen en Anoek Ruijters) werd de aanpak van de gemeente Ede gepresenteerd, die mede gebaseerd is op de klimaateffectatlas data en op de klimaateffectatlas Vallei en Veluwe. Deze klimaateffectatlas is ontwikkeld in opdracht van gemeenten, provincies, en waterschap in Gelderse Vallei, Veluwe, Eemland en IJsselvallei.

Deze aanpak is wat mij betreft een voorbeeld voor andere gemeenten en waterschappen.

Louis van der Kallen

 


DE VVD WIL ÉÉN WATERSCHAP IN NOORD-BRABANT

 

| 23-04-2018 | 13.30 uur |


 

DE VVD WIL ÉÉN WATERSCHAP IN NOORD-BRABANT

 

De VVD fractie in de Staten van Brabant laten weer eens een ballonnetje op. Ze willen een onderzoek naar ‘de positieve en negatieve effecten van een eventuele fusie’. Nu ben ik reeds jaren in het waterschapsbestuur actief en heb al veel waterschapfusies meegemaakt.

Toen ik begin jaren negentig begon waren er nog 16 waterschappen in Noord-Brabant, nu nog 3 en een stukje waterschap Rivierenland het voormalige Alm en Biesbosch. Waterschappen hebben een enorm fusietraject doorlopen. Rond 1850 waren er in Nederland ongeveer 3500 waterschappen in 1950 nog circa 2500 en nu nog 22. Minder dan 1 % van het aantal in 1950! Recordhouder is het huidige waterschap Rivierenland dat 474 rechtsvoorgangers kent. Ook in het  werkgebied van mijn eigen waterschap Brabantse Delta waren in 1950 nog meer dan 200 waterschapjes. Effect van al die fusies: een meer deskundige organisatie. De fusies waren tot op zekere hoogte ook nodig vanwege de toegenomen taken en de complexiteit daarvan.

Maar de fusies kenden ook een hoge prijs: minder betrokkenheid en gebiedskennis van de bestuurders. Het werden bestuurders op afstand. En nà 2008 vooral politieke bestuurders met vaak bitter weinig kennis over de voor het waterbeheer, in mijn ogen, benodigde (technische-) en gebiedskennis. Maar wat nog erger is, de passie voor het gebied en de bijzondere taken van waterschappen ontbreekt vaak bij politici. Besturen wordt leunen op de kennis van de ambtenaren in plaats van gebaseerd op de eigen kennis en betrokkenheid bij het gebied. De drie waterschappen werken, op de onderdelen dat het een toegevoegde waarde heeft, in termen van geld of kwaliteit, al jaren goed samen. Een fusie levert dan wel de genoemde nadelen op, maar nauwelijks een besparing.

De focus op de waterschappen verbaast mij ook. Kijk eens naar gemeenten. In 1850 waren dat er in Nederland nog circa 1240, in 1950 circa 1000 en nu nog 380. 38 % van het aantal in 1950! Zeeland ging van 113 gemeenten in 1850 naar 101 in 1950 naar 13 nu. 13 % van het aantal in 1950! Noord-Brabant ging van 143 gemeenten in 1950 naar 64 nu. Bijna 45 % van het aantal in 1950! Gezien die gemeentelijke cijfers had ik het veel logischer gevonden als de VVD fractie in de Staten van Brabant voor de gemeenteraadsverkiezingen hadden gevraagd naar ‘de positieve en negatieve effecten van een eventuele fusie’ van de huidige 64 gemeenten. Of gaan er dan teveel bestuurlijke VVD posten verloren?

Zelf ben ik niet z’n voorstander van verdere fusies. De afstand tot de burger wordt alsmaar groter en de kennis van het gebied of de dorpen of stad steeds kleiner. Nu zijn er gemeenten met tientallen dorpen. Ik zou daar nooit raadslid willen zijn. Het bijhouden van wat er leeft is dan, naar mijn inzicht, schier onmogelijk. Toen ik waterschapbestuurder werd van Zoomvliet was ik nog in staat op perceelniveau te weten wat er speelde of wie en hoe er geboerd werd of wat de natuurwaarden waren. Met de opschaling naar het Scheldekwartier werd dat al heel moeilijk, maar je kende de collega bestuurders in de buurt van een perceel nog. Met de komst van het waterschap Brabantse Delta (meer dan 170.000 hectaren groot, meer dan 800.000 inwoners, meer dan 8100 kilometer aan sloten, beken, rivieren in beheer en binnen 21 gemeenten werkzaam) is dat niet meer mogelijk. Dan is passie nodig en liefde voor de taken. In godsnaam: stop nu eens met het oplaten van ballonnen en laat de waterschappen hun werk doen, zodat het veiligheidsniveau, de leefbaarheid en de natuur die aandacht krijgen en houden die nodig is.  

Louis van der Kallen

 


OVER WATER 126: PHARIO EN WATERPUBLICATIES

 

| 24-02-2018 | 09.45 uur |


 

OVER WATER 126: PHARIO EN WATERPUBLICATIES

 

Het waterschap initiatief Phario (PHA bioplastics) heeft de titel ‘Water Innovator of the Year 2018’ gewonnen. Phario was één van de genomineerden tijdens de Water Innovator of the Year verkiezing die georganiseerd werd door het Watervisie platform.

PHARIO is een samenwerking tussen waterschap Brabantse Delta, Waterschap De Dommel, waterschap Scheldestromen, waterschap Hollandse Delta, Wetterskip Fryslan, Energie en Grondstoffen fabriek, SNB, HVC en Paques. De PHARIO partners ondersteunen ook verder onderzoek en ontwikkeling via Wetsus en TU Delft.

Bestuurlijk ben ik betrokken bij het waterschap Brabantse Delta. Ik vind het dan ook fantastisch dat onze medewerkster Etteke Wypkema zo’n prominenten rol speelt in de ontwikkeling van bioplastic uit afvalwater. Mijn complimenten aan allen die werken aan dit mooie en maatschappelijk belangrijke project.

Gelezen

  • Recent is verschenen het Jaarbeeld 2017 van het waterschap Rivierenland. Voor mij het voorbeeld hoe een waterschap kan laten zien wat het in enig jaar heeft gedaan en waarom en hoe het waterschapwerk vorm krijgt. Een jaarbeeld wat navolging verdient.
  • In het boek “Drinking Water” van de hand van James Salzman kwam ik de uitgifte in 1774 tegen van “Water Works notes” een vorm van bankbiljetten uitgegeven door de City of New-York. De waterwerken die met de uitgifte van deze biljetten werden gefinancierd waren niet alleen een geldrevolutie, maar waren ook een sociale revolutie. Een overheid erkende dat hier een taak lag voor de overheid om collectief een infrastructuur tot stand te brengen die belangrijk was voor de samenleving.
  • Gelezen/bekeken het fotoboek “Met andere ogen” over de natuur in Zundert. De natuur die van Gogh inspireerde. Een prachtige fotoboek door Riet Pijnappels en Ed Michels.

Louis van der Kallen

 


VOORLANDEN

 

| 10-02-2018 | 10.00 uur |


 

VOORLANDEN

 

Begin 2017 is de Projectoverstijgende Verkenning (POV) Voorlanden gestart. Dit is een verkenning die voor het waterschap Brabantse Delta binnen het dijkversterkingsproject Geertruidenberg/Amertak en toekomstige projecten in dit gebied grote gevolgen kan hebben.

Waarom? De effecten van het voorland kunnen gevolgen hebben voor het ontwerp van de nieuwe Slikpolderdijk en mogelijke buitendijkse dijkverbeteringen in dit gebied en de noodzaak tot compensatie van de eventuele verloren gegane ruimte voor de rivier. Het ministerie van Infrastructuur en Waterstaat stelt zich op het standpunt dat het Rijk wel instemt met buitendijkse versterkingen, als binnendijkse versterking redelijkerwijs niet mogelijk is, maar vasthoudt aan de noodzaak dat er ook bij geringe waterstandverhogingen volledig gecompenseerd wordt.  De argumentatie van het Rijk daarvoor is dat andere initiatiefnemers die activiteiten ontplooien die tot waterstandverhoging leiden dit ook moeten compenseren.

In het gebied van de dijkversterking Geertruidenberg/Amertak spelen in de nabij toekomst mogelijk een drietal projecten waarbij deze compensatie aan de orde kan komen, te weten:

  • de mogelijke uitbreiding van de jachthaven op de oostelijke Dongeoever waarbij gedacht wordt aan een sluisje om de jachthaven bij hoogwater af te kunnen sluiten. 
  • een mogelijke verandering van een afslag van de A59 en de effecten/mogelijkheden daarvan op de waterkeringen ter plaatse. 
  • en de verkenning afsluiten Amertakken in geval in dit gebied verdere dijkversterkingen/verhogingen noodzakelijk zouden zijn.

Waterschappen zoals Brabantse Delta hebben met Rijkswaterstaat een gezamenlijk belang voor de waterveiligheid in het Rivierengebied. We hebben elkaars ruimte (zowel van de waterschappen als van Rijkswaterstaat) nodig om te werken. Daarbij is het belangrijk alleen buitenwaarts te versterken indien binnendijks redelijkerwijs niet mogelijk is en dat als buitenwaarts versterkt wordt, geringe waterstandverhogingen worden toegestaan en compensatie, ook met eerder ontstane ruimte voor de rivier, bijvoorbeeld met een dijkverlegging zoals bij de Slikpolder mogelijk is.

Het Rijk lijkt bereid om compensatie mogelijk te maken buiten een project, bijvoorbeeld door mee te koppelen met andere projecten, dan wel te compenseren binnen de Lange Termijn Ambitie Rivieren (compensatie per riviertak en op termijn). Nu is het zaak de ruimte voor de rivier die ontstaat door de verlegging van de Slikpolderdijk te reserveren als toekomstige compensatie voor de projecten in  het gebied Geertruidenberg/Amertak die ruimte nemen van de rivier, zoals de mogelijke afsluiting van de Amertakken.  De POV Voorlanden inventariseert ook en zoekt oplossingen voor mogelijke ‘belemmeringen’ bij de berekening in de benodigde dijksterkten ingeval van voorlanden. Met als doel te komen tot een optimale weging van voorlanden. Deze POV is derhalve van belang voor het uiteindelijke ontwerp van de nieuwe Slikpolderdijk. Hierbij zijn een aantal elementen van belang: techniek (o.a. effect voorland in hydraulische belasting), beheer (o.a. juridische zeggenschap en natuur beheer), organisatie (o.a. besluitvorming over activiteiten in het voorland), financieel (o.a. levensduur en meekoppelen bij externe initiatieven zoals bijvoorbeeld een haven) en beleid (o.a. combineren functies in voorland). Kortom er is veel dat met betrokkenen besproken moet worden.

Louis van der Kallen

 


OVER WATER – 121

 

| 09-12-2017 | 11.30 uur |


 

OVER WATER – 121

 

November was voor het waterschap Brabantse Delta de maand van de net-niet-prijzen. In de top 3 van Beste Overheidsorganisatie van het Jaar 2017. Staatsbosbeheer werd de winnaar. Wij tweede (ex aequo met Stadsregio Parkstad Limburg). Een mooie en eervolle prestatie, waarop de leiding, de medewerkers en het bestuur trots mogen zijn. Wilt u meer weten over het waterschap Brabantse Delta kijk dan eens naar: https://youtu.be/RRhjNETIjw0, een filmpje van circa 15 minuten. Een andere net gemiste prijs was met de innovatiefabriek Nieuwveer. Eén van de drie genomineerden van de waterinnovatieprijs 2017 in de categorie ‘Energie en waterschappen’. De innovatiefabriek wekt eigen energie op en draagt met verschillende innovaties bij aan een circulaire economie (kringloop). Net mis, maar genomineerd worden en tot de top 3 behoren uit een veelheid aan inzendingen blijft een prestatie om trots op te zijn.

Recent gelezen het boek “tussen stoom en stroom” over de rol van de verbrandingsmotor in de Nederlandse polder- en boezembemaling. Uitgegeven door de Nederlandse gemalen stichting. Voor iedereen met belangstelling voor motortechniek en de waterschapsgeschiedenis het lezen meer dan waard. Een prachtig boek. In het boek wordt ook verwezen naar een gemaal in het werkgebied van het waterschap Brabantse Delta (gemaal Moerdijk) met een hybride verbrandingsmotor de Stork-Ricardo R203, 3 cilinder uit 1956. Vermoedelijk de enige, van dit merk en type, nog werkende in Nederland. Voor mij als portefeuillehouder cultuurhistorie een aandachtspunt. Proberen te behouden!

4 december
De bestuurlijke adviesgroep A27 met als agendapunten: de risico’s van het project, het esthetische programma van eisen, het Hooipolder Plus plan en het tekenen van de bestuursovereenkomst. Mijn belangrijkste inbreng was, dat bij het opstellen van het esthetische programma van eisen voor de bruggen ontwerpen, deze niet moeten leiden tot de onmogelijkheid van het verwijderen van grondlichamen zoals brughoofden. De huidige Keizersveerbrug met haar brughoofden zijn immers een stevige sta in de weg om te komen tot rivierbedverruiming en tot vermindering van de opstuwing bovenstrooms. Rivierbedverruiming zit echter niet in de TOP-eisen, zo kreeg ik te horen. RWS vindt dat meer iets voor de ontwerpingenieurs om daar eventueel inhoud aan te geven. Voor mij raar dat RWS droog (wegen en bruggen) (top)verlangens van RWS nat zoals waterveiligheid en bevaarbaarheid, nu en in de toekomst, niet meeneemt bij de TOP-eisen.  

6 december
Een presentatie over de organisatie van de veiligheidsregio’s en de rol van gemeenten en waterschappen daarin. Daarna de stuurgroep Regionaal Bestuurlijk Overleg Maas (RBOM) en de stuurgroep Deltaplan Hoge Zandgronden (DHZ) met als agendapunten onder andere: de brochure “Toekomstbestendige zoetwatervoorziening op de Hoge Zandgronden”, de stand van zaken inzake het deltaplan ruimtelijke adaptatie, de voortgang en programmering werkprogramma DHZ, de actualiteit inspraak 6e actieprogramma nitraatrichtlijn en mestfraude, het projectplan verkenning nutriëntenaanpak Maas 2018-2019, de handreiking KRW-doelen, het jaarprogramma programmabureau KRW/DHZ Maasregio, de herpositionering klankbordgroep Maas en het voortgangsbericht programmabureau KRW-DHZ Maasregio. Keer op keer vallen mij bij dit soort bijeenkomsten de discussie op over de haalbaarheid van de KRW doelen. Ook ik heb mijn twijfels of deze haalbaar zijn in ons kleine volle landje. Dat laat echter onverlet dat je als overheden de plicht hebt deze na te streven, op straffe van mogelijk forse Europese boetes. Steeds vaker worden de discussies gedomineerd door het zoeken naar de ‘nooduitgang’! Hoe komen wij er onderuit? Met opmerkingen als ‘de boetes komen niet terecht bij de regionale overheden’ wordt afstand genomen van de taak/opdracht om als regionale overheden wettelijke taken en doelen na te streven om boetes voor de ‘BV Nederland’ te voorkomen en het milieu en de leefbaarheid te dienen. Zelf denk ik dat bij de beoordeling van de realisaties van de KRW-doelstellingen na 2027 het wel degelijk een rol speelt of de overheden in Nederland de wil hebben gehad echt alles wat haalbaar/betaalbaar was te doen. Het vroegtijdig zoeken naar de ‘nooduitgang’ is dan geen verdienste. Je concentreren op de realisatie van de KRW doelstellingen wel! 

8 december
Ik begon de dag vroeg bij het waterschap om een aantal zaken te regelen. Van Ipad tot fiscale formulieren vanwege mijn overgang van het dagelijks naar het algemeen bestuur en bij te praten over een aantal onderwerpen. Daarna de stuurgroep Zuiderwaterlinie in het provinciehuis met als agendapunten onder andere: de vooruitblik erfgoedjaar 2018 en de voortgang Linieplanner.

Daarna naar het waterschaphuis in Amersfoort voor een klankbordgroep bijeenkomst over het onderzoek aanpassing belastingstelsel waterschappen. 

Louis van der Kallen

 


OVER WATER – 114

 

| 21-10-2017 | 10.30 uur |


 

OVER WATER – 114

 

Gelezen/gevonden
In het tijdschrift ‘Riolering’ van oktober 2017 staat een artikel met de kop: “het riool als toeristische attractie”. Riolen bezoeken begint hip te worden. Rioolwater komt zo zelfs op de recreatieagenda van burgers en schoolkinderen. In het artikel wordt, in het werkgebied van het waterschap Brabantse Delta, de Grebbe beschreven. Een middeleeuwse watergang die in de jaren twintig van de vorige eeuw het hoofdriool werd van Bergen op Zoom. Er werd ook verwezen naar het rioolmuseum in Brussel. De website van dit museum is zeker een bezoek waard.

Een andere website die de aandacht verdient van mensen die zich verdiepen in ‘waterproblemen’ is de website www.klimaateffectatlas.nl. Deze website geeft globaal per locatie in Nederland informatie van de te verwachten klimaateffecten tussen nu en 2050.  Als voorbeelden de effecten voor mijn eigen woongemeente Bergen op Zoom: het aantal dagen met een temperatuur van gelijk of boven de 25 graden neemt toe van 20 á 30 dagen per jaar nu, naar 40 á 50 dagen per jaar in 2050 en het aantal dagen gelijk of boven de 30 graden neemt toe van 3 á 6 dagen per jaar naar 12 á 15 dagen per jaar, met alle gevolgen voor mensen die last hebben en gezondheidseffecten van warmte ervaren. Voor meer (betrouwbare) klimaatinformatie kijk eens op https://www.kennisvoorklimaat.nl/ of ter aanvulling en vergelijking op https://www.klimaat.be/nl-be/

De Ministerraad heeft in december 2016 de Nationale Klimaatadaptatie Strategie (NAS) vastgesteld. Deze NAS moet, mijn inziens, voor iedere Nederlandse overheidsinstantie de leidraad worden van haar handelen. 

14 oktober
De onthulling van een kunstwerk onder een viaduct over de Hoofseweg te Oosterhout. Het kunstwerk is ontworpen door Laura Evens en Vera Vermeulen en vormgegeven door grafisch vormgever Heidi Rombouts. Marian Witte heeft samen met buurtbewoners en andere betrokkenen het kunstwerk onthuld. Ik was de bestuurlijke vertegenwoordiger van het waterschap.

17 oktober
De vergadering van het dagelijks bestuur met als agendapunten o.a. de deelname aan het Deltaplatform, de samenwerking in de Zuidwestelijke Delta en de inzet van het waterschap bij toekomst scenario’s. Besproken is ook de rol/houding van het waterschap bij activiteiten van derden. 

19 oktober
In de middag de onthulling van een aantal veenpalen op landgoed Pannenhoef te Rijsbergen. Zelf mocht ik een veenpaal bij de Bijloop onthullen.

In de avond fractievergadering van Ons Water/West-Brabant Waterbreed over onder andere de AB agenda van volgende week en mijn opvolging in het DB en de verkiezingen in 2019.

Louis van der Kallen



OVER WATER – 93

 

| 27-05-2017 | 12.45 uur |


 

OVER WATER – 93

 

21 mei
Open dag op Bouvigne. Er was veel te zien en voor mijn beleving was het drukker dan andere jaren. Het meest te bekijken waard vond ik de tot regenton omgebouwde Bredase afvalcontainers en de opblaasbare noodwaterkering (alleen de kleur verbaasde mij).

De waterbak met slootleven trekt altijd veel jeugdige belangstelling. Het weer werkte mee en de percussieband met een aantal waterschapsmedewerkers verhoogde de sfeer. Voor mij een mooie afsluiting van de week van Ons Water!

22 mei
Samen met collega Kees de Jong een overleg met een boseigenaar over de status en het daaraan verbonden onderhoud van een watergang.

In de avond een informatiebijeenkomst over het dijkverbeteringsproject Geertruidenberg/Amertak, waarbij ik een vol uur vragen beantwoordde over de keuze van het Dagelijks Bestuur om de dijk rond de Slikpolder niet te verbeteren, maar een nieuwe dijk aan te leggen ten zuiden van de Slikpolder.

23 mei
De dijkwerkersdag 2017 te Utrecht. Het programma was opgebouwd rondom vier subthema’s: innovatie, inspiratie, ideeënpitch en verbinden. Bij het onderdeel ideeënpitch werden drie ideeën gepresenteerd. Een idee voor een energiecentrale drijvend in de rivier, waarbij de stroming van de rivier werd benut om energie te winnen, werd de winnaar. Er was ook een idee om autobanden te benutten in de dijkenbouw, waarbij deze gevuld met grond gestapeld werden. Voor mij een oud idee wat veel lijkt op de vroegere Haringman blokken die in de jaren vijftig gebruikt werden om snel een dijk te verhogen. Een ander idee was een floodlabel om het overstromingsrisico van wijken, straten en huizen in kaart te brengen. Eén van de workshops die ik volgde ging over het geven van gastlessen op scholen. Informatie daarover is te vinden op de website  https://www.watereducatie.nl/

24 mei
In de morgen de opening van het heringerichte gebied Weerijs-Zuid. Ik verving hier collega Jacques van der Aa, die node gemist werd. Op grote schaal zijn de eerder gestelde doelen voor landbouw, natuur, water, recreatie, wonen en werken bereikt en is het gebied aantrekkelijker en leefbaarder geworden voor ondernemers, bewoners en recreanten en krijgen flora en fauna meer kansen. 

In de middag een PHO over de Keenesluis en heb ik de stuurgroep Vitaal Leisure Landschap bijgewoond waar de gezamenlijke uitvoeringsagenda en doelstellingen zijn besproken. 

Louis van der Kallen



OVER WATER – 90

 

| 06-05-2017 | 17.30 uur |


 

OVER WATER – 90

 

Recent gelezen “Gemalen… het behouden waard”,  geschreven/samengesteld door ing. R. Polderman en Ir. C. J. M. Tak en in 2001 uitgegeven door de Nederlandse Gemalenstichting en Tak Architektenbureau. Het is een inventarisatie en selectie van 44 uit bijna 1600 gemalen. Het laat zien hoe mooi Industrieel erfgoed kan zijn.

Ik ben portefeuillehouder van het PAS project Westelijke Langstraat. Voor degenen die de planvorming en realisatie van dit project willen volgen heeft de provincie Noord-Brabant recent een gerichte website gestart. In de Westelijke Langstraat wordt de komende jaren flink geïnvesteerd in de natuur. Naast de bestaande natuurgebieden komt er veel nieuwe natuur bij. Ongeveer 250 ha landbouwgrond krijgt op den duur de bestemming natuur. In dit project speelt water een voorname rol vandaar de bemoeienis van het waterschap Brabantse Delta met dit project.

2 mei
Dagelijks Bestuursvergadering met o.a. de agendapunten: de ontwerpbegroting van Het Waterschapshuis 2018, de concept begroting Aquon 2018, de managementletter tussentijdse controle 2016 en de stand van zaken buurtwaterfonds. En een aantal PHO’s over o.a. de dijkverbetering Geertruidenberg/Amertak. In de middag een expertbijeenkomst over het klimaat robuuster maken van de gemeente Bergen op Zoom in het Natuurpoduim/Stayokay te Bergen op Zoom. Wat mij op viel was de stevige aanwezigheid van mensen van de GGD en GGZ en vooral hun bijdrage aan de discussie. Mijn complimenten dat ook dit soort organisaties inzien dat je mensen vrij moet maken voor dit soort discussies. 

3 mei
Vandaag ben ik naar de verdediging van het proefschrift “Eco-engineering for clarity, clearing blue-green ponds and lakes in an urbanized area” van Guido Waajen in Wageningen geweest te Wageningen. Het was een mooie bijeenkomst. In het proefschrift worden onder andere een aantal proeven beschreven die gehouden zijn in het werkgebied van het Waterschap Brabantse Delta, te weten: 

  • De restauratie van en behandeling met een flocculatiehulpmiddel (polyaluminiumchloride) van De Kleine Melanen (Bergen op Zoom).
  • De behandeling met een flocculatiehulpmiddel (ijzerchloride) en met lanthanium gemodificeerd bentoniet (Phoslock) van De Kuil (Breda).
  • Een compartimenteringsproef in de vijver langs de Monseigneur  Schaepmanlaan (Dongen) waar een zestal systemen van aanpak werden getest.
  • Een proef met driehoeks en quagga mosselen in een vijver nabij de kinderboerderij in de Hoge Vucht (gelegen aan Tussen de Dijken) te Breda en de Linievijver gelegen tussen de Archimedesstraat en de N285 te Breda. 

Gezien de blauwalg problemen waar menig waterbeheerder mee te kampen heeft, is het proefschrift van de nu Doctor Guido Waajen zeker het lezen waard. Het is nu nog in een beperkte oplage beschikbaar en opvraagbaar via mailadres [email protected] (zolang de voorraad strekt). 

5 mei
In de morgen een fractie vergadering van Ons Water/West-Brabant Waterbreed ter voorbereiding van het AB van 10 mei en daarvoor een PHO over de dijkverbetering Geertruidenberg/Amertak.

Tot slot een mooi voorbeeld uit mijn eigen gemeente Bergen op Zoom hoe een straat (Vijverberg) kolkvrij kan worden ingericht. Water doorlatende parkeerplaatsen en het regenwater wordt via speciale openingen via het talud naar oppervlakte water geleid.

 Louis van der Kallen