OVER WATER 133: EEN OEVERZWALUWWAND EN DE NKWK CONFERENTIE

 

| 21-04-2018 | 09.00 uur |


 

OVER WATER 133: EEN OEVERZWALUWWAND EN DE NKWK CONFERENTIE

 

Vorige week vrijdag heb ik de ingebruikname bijgewoond van een oeverzwaluwwand aan de oever van de Amertak/Donge te Geertruidenberg. Niet dat getrainde oeverzwaluwen de wand in gebruik namen, maar diverse bij de totstandkoming van de wand betrokken bestuurders en ambtenaren waren uitgenodigd en werden ontvangen op Fort Lunet bij Raamsdonksveer en toegesproken door de initiatiefnemer Peter Verwaters.

Peter Verwaters is de volhouder die, nadat oeverzwaluwen vorig jaar een berg mineralen bij het bedrijf Sibelco in gebruik hadden genomen voor hun nesten, het bedrijf overhaalde de nesten te beschermen en daarna stad en land had bewogen om deze wand te realiseren. Ook ik was benaderd omdat de ideale plek een stukje grond van het waterschap Brabantse Delta was, waar de Amertak de Donge raakt. Ik ben er toen binnen het waterschap achteraan gegaan en beschouw de realisatie als één van de tastbare resultaten van mijn DB lidmaatschap. Ik vond het dan ook leuk voor deze ingebruikname uitgenodigd te zijn.

De locatie is voor de oeverzwaluwen ideaal. Voedsel is er in redelijke overvloed en de wand staat op een rustige, niet voor het publiek toegankelijke, plek. Toch kan het publiek er vanaf een wandelpad aan de andere kant van de Donge straks van genieten. De realisatie van de wand is wat mij betreft een voorbeeld van hoe het moet. Een bedrijf dat een stukje natuur beschermd en overheden die samen met het particulier initiatief iets moois realiseren.

Ik hoop dat mijn eigen gemeente daar een voorbeeld aan neemt. Ook in Bergen op Zoom zijn er tal van plekken waar een dergelijk initiatief een succes kan worden. Langs de Binnenschelde, op de Plaat en zelfs in of nabij het Anton van Duinkerkenpark zijn geschikte locaties te vinden.  

Op dinsdag 17 april was de 4e NKWK conferentie ‘van papier naar praktijk’ op de Campus Wageningen University & Research. De NKWK (Nationaal Kennis en innovatieprogramma Water en Klimaat) conferenties zijn voor mij altijd interessant gebleken en ook nu werd ik niet teleurgesteld.

Er waren een aantal sprekers, onder andere de Delta Commissaris Wim Kuijken die een overzicht gaf van de ontwikkelingen, kansen en bedreigingen. Het viel mij op dat bij alle discussies over de klimaatveranderingen en de mogelijke gevolgen, transport door niemand werd vermeld. Terwijl bijvoorbeeld de droogteperiodes zoals in 1976 enorme gevolgen kunnen hebben voor het transport over water op de niet gekanaliseerde delen van de grote rivieren!

Ik bezocht in de morgen de workshop “Naar een klimaatbestendige stad” met een aantal presentaties en discussies. Wat mij trof was dat bij één werkplan, het inschatten en kwantificeren van klimaatschaden, van alles werd benoemd behalve de oversterfte en de economische/financiële gevolgen. Beslismodellen worden ontwikkeld. De deelnemers formuleerden in vijf groepen welke informatie nodig is voor een werkbaar beslismodel.

In de middag bezocht ik de workshop Lumbricus “Bewust omgaan met de bodem is essentieel in waterbeheer”. Een buitengewoon leerzame workshop over bodemproblemen, zoals de bodemverdichting en welke pilots er lopen hoe de bodemverdichting aan te pakken. Van diepwortelaars, zoals sorghum en andere diepwortelende grassen, mechanische bewerkingen tot de herintroductie en kweek van wormen. De zware landbouwmachines, zoals ingezet bij de oogst van rooivruchten, zijn ware moordenaars van het bodemleven. Met revitalisering van de bodem is zowel voor de boer, de natuur als de waterbeheerder een wereld te winnen!   

Louis van der Kallen

 


DE VVD WIL ÉÉN WATERSCHAP IN NOORD-BRABANT

 

| 23-04-2018 | 13.30 uur |


 

DE VVD WIL ÉÉN WATERSCHAP IN NOORD-BRABANT

 

De VVD fractie in de Staten van Brabant laten weer eens een ballonnetje op. Ze willen een onderzoek naar ‘de positieve en negatieve effecten van een eventuele fusie’. Nu ben ik reeds jaren in het waterschapsbestuur actief en heb al veel waterschapfusies meegemaakt.

Toen ik begin jaren negentig begon waren er nog 16 waterschappen in Noord-Brabant, nu nog 3 en een stukje waterschap Rivierenland het voormalige Alm en Biesbosch. Waterschappen hebben een enorm fusietraject doorlopen. Rond 1850 waren er in Nederland ongeveer 3500 waterschappen in 1950 nog circa 2500 en nu nog 22. Minder dan 1 % van het aantal in 1950! Recordhouder is het huidige waterschap Rivierenland dat 474 rechtsvoorgangers kent. Ook in het  werkgebied van mijn eigen waterschap Brabantse Delta waren in 1950 nog meer dan 200 waterschapjes. Effect van al die fusies: een meer deskundige organisatie. De fusies waren tot op zekere hoogte ook nodig vanwege de toegenomen taken en de complexiteit daarvan.

Maar de fusies kenden ook een hoge prijs: minder betrokkenheid en gebiedskennis van de bestuurders. Het werden bestuurders op afstand. En nà 2008 vooral politieke bestuurders met vaak bitter weinig kennis over de voor het waterbeheer, in mijn ogen, benodigde (technische-) en gebiedskennis. Maar wat nog erger is, de passie voor het gebied en de bijzondere taken van waterschappen ontbreekt vaak bij politici. Besturen wordt leunen op de kennis van de ambtenaren in plaats van gebaseerd op de eigen kennis en betrokkenheid bij het gebied. De drie waterschappen werken, op de onderdelen dat het een toegevoegde waarde heeft, in termen van geld of kwaliteit, al jaren goed samen. Een fusie levert dan wel de genoemde nadelen op, maar nauwelijks een besparing.

De focus op de waterschappen verbaast mij ook. Kijk eens naar gemeenten. In 1850 waren dat er in Nederland nog circa 1240, in 1950 circa 1000 en nu nog 380. 38 % van het aantal in 1950! Zeeland ging van 113 gemeenten in 1850 naar 101 in 1950 naar 13 nu. 13 % van het aantal in 1950! Noord-Brabant ging van 143 gemeenten in 1950 naar 64 nu. Bijna 45 % van het aantal in 1950! Gezien die gemeentelijke cijfers had ik het veel logischer gevonden als de VVD fractie in de Staten van Brabant voor de gemeenteraadsverkiezingen hadden gevraagd naar ‘de positieve en negatieve effecten van een eventuele fusie’ van de huidige 64 gemeenten. Of gaan er dan teveel bestuurlijke VVD posten verloren?

Zelf ben ik niet z’n voorstander van verdere fusies. De afstand tot de burger wordt alsmaar groter en de kennis van het gebied of de dorpen of stad steeds kleiner. Nu zijn er gemeenten met tientallen dorpen. Ik zou daar nooit raadslid willen zijn. Het bijhouden van wat er leeft is dan, naar mijn inzicht, schier onmogelijk. Toen ik waterschapbestuurder werd van Zoomvliet was ik nog in staat op perceelniveau te weten wat er speelde of wie en hoe er geboerd werd of wat de natuurwaarden waren. Met de opschaling naar het Scheldekwartier werd dat al heel moeilijk, maar je kende de collega bestuurders in de buurt van een perceel nog. Met de komst van het waterschap Brabantse Delta (meer dan 170.000 hectaren groot, meer dan 800.000 inwoners, meer dan 8100 kilometer aan sloten, beken, rivieren in beheer en binnen 21 gemeenten werkzaam) is dat niet meer mogelijk. Dan is passie nodig en liefde voor de taken. In godsnaam: stop nu eens met het oplaten van ballonnen en laat de waterschappen hun werk doen, zodat het veiligheidsniveau, de leefbaarheid en de natuur die aandacht krijgen en houden die nodig is.  

Louis van der Kallen